Met schuldgevoel, maar toch weg uit Oekraïne


24 februari 2016 (de Groene Amsterdammer) – Twee jaar na de revolutie in Kiev is van de belofte van een betere toekomst niet veel terechtgekomen. Nog steeds is Oekraïne in de greep van corruptie en passiviteit. En nog steeds willen veel jongeren het land verlaten.

Mijn Oekraïense vriendin Julia Yatsenko (30) zit in haar appartement in Berlijn en zucht. ‘Ik ben blij dat ik weg ben. Weg van de oorlog. Het is beter zo. Echt.’ Haar ogen zijn gericht op haar laptopscherm, dat is gevuld met analyses van de nieuwste regeringscrisis en van het spaak lopen van de hervormingen in Oekraïne. ‘Daarom dus’, zegt ze. ‘En toch voel ik me schuldig dat ik ben gegaan.’

De nieuwsberichten uit Oekraïne stemmen niet vrolijk. Premier Jatsenjoek heeft vorige week maar net een motie van wantrouwen overleefd en de roep om zijn vertrek klinkt nog steeds. Een minister, enkele topambtenaren en een aanklager zijn opgestapt en beschuldigen de president en premier van het uitdelen van baantjes aan vrienden. De beloofde hervormingen zijn gestagneerd. Oligarchen hebben nog steeds absolute macht over de energievoorzieningen en de anti-corruptieteams klagen dat ze worden tegengewerkt.

En dus mort de bevolking. Op iedere straathoek in Kiev vind je wel iemand die zijn hoofd mismoedig schudt als de naam van de president valt. ‘Veel mensen zijn cynisch geworden’, zegt Julia. ‘Ze hebben het gevoel weer terug te zijn bij af en leggen zich erbij neer dat het nooit goed komt met Oekraïne. Ze keren de politiek de rug toe.’ Defaitisme is een sentiment dat ik van de Oekraïners goed ken. In februari 2012 verhuisde ik naar Kiev om er als correspondent te gaan werken. De eerste Oekraïners die ik leerde kennen waren de 37-jarige Tanja Danylovna en haar moeder Nina, bij wie ik de eerste maand in huis woonde. In hun krakkemikkige sovjetflat bleken alle clichés waar. De platinablonde Tanja bracht de helft van haar tijd door met het zoeken van een buitenlandse echtgenoot op internet. Toen ik naar de politieke situatie vroeg, schudde ze haar hoofd. ‘Geen enkele politicus is te vertrouwen. Ze zeggen dat ze voor aansluiting bij de EU zijn, maar alles wat ze willen is geld verdienen aan jouw stem.’ Ze stemde niet en las geen kranten, omdat ze daar alleen maar verdrietig van werd. Je krijgt er bovendien rimpels van, meende haar moeder. We kregen er bijna ruzie over. ‘Luister meisje, het heeft geen zin om je erin te verdiepen, het zijn toch allemaal leugens’, verzuchtte Tanja. ‘Help me liever een man te vinden in Europa.’ Julia schetste in die tijd een iets genuanceerder beeld. De ambitieuze econome is de dochter van een hoogleraar natuurkunde, spreekt haar talen en heeft veel van de wereld gezien. Ze voelde zich niet meer thuis in Oekraïne en was kritisch over haar landgenoten. ‘Die laten het allemaal maar gebeuren dat het land naar de knoppen gaat door corrupte politici.’ De ‘passiviteit van Oekraïners’ trok ze niet meer. ‘Alsof we nog in de Sovjet-Unie leven. Ik kan het niet meer. Daarom zoek ik een baan in Europa.’

De sovjetmentaliteit nekt de maatschappij, vond Julia. ‘Oekraïners klagen over de corruptie, maar ze doen er niets aan. Liever betalen ze smeergeld. Ze zeggen: “Een land krijgt de politici die het verdient”, en gaan dan schoenen kopen.’

De twintigers zijn niet in de sovjettijd opgevoed en zij zouden vol moeten zijn van nieuwe ideeën, democratie, misschien zelfs tolerantie. Maar overal waar ik kwam wilden de jongeren migreren. In het Oost-Oekraïense Charkov vertelde een studente hoe het er aan de universiteiten aan toe gaat. ‘We leren alleen maar feitjes opdreunen. En onze docenten omkopen.’ Toen ze in de Verenigde Staten ging studeren merkte ze pas dat het ook anders kon. ‘Ik sloeg volledig dicht toen een docent me vroeg wat ik ergens van vond. Pas nadat ik me een paar weken verbaasd had over al die mondige studenten ben ik gaan nadenken. Wat vind ik eigenlijk van wat ik hier lees? Dat klinkt voor jou misschien raar, maar wij stellen onszelf nooit die vraag.’

Het was vooral de corruptie die verlammend werkte. Openbare aanbestedingen werden per definitie gegund aan vrienden. Een baan kregen jongeren meestal via-via. Of zoals Sasja Kypa, een 26-jarige radiopresentator uit Oezjhorod, een plaatsje bij de grens met Slowakije, het verwoordde: ‘Niemand gelooft dat ik deze baan gekregen heb omdat ik iets kan. Moet je je voorstellen hoe demotiverend het is om dat telkens te horen. Mijn moeder zegt dat ik hier moet weggaan. Ze is bang dat ik op een gegeven moment wel iemand omkoop voor een baan en het systeem word ingezogen.’

Sasja wilde naar Duitsland emigreren. Valentin, een twintigjarige rechtenstudent die soms voor me tolkte, wilde Israël proberen, want hij heeft joodse wortels. Een Russische die ik leerde kennen op de Krim probeerde een beurs te krijgen om te studeren in Engeland. Stuk voor stuk wilden ze vertrekken vanwege de corruptie en de passiviteit van hun landgenoten.

Een deel van de bevolking wilde de SovjetUnie terug. In Kiev ontmoette ik jongens die nog steeds dachten dat ze carrière konden maken door lid te worden van de communistische partij en shirts van Stalin te dragen. In het minuscule dorpje Stepanivka verlangden de mensen terug naar de goede oude tijd, terwijl ze bedroefd keken naar de leegstaande kolchozen. ‘Vroeger was er genoeg geld, maar was er niets te kopen. Nu liggen de winkels vol, maar heeft niemand geld’, verzuchtte boerin Galina (65). Haar kleinzoon zat werkloos in de tuin en begon aan zijn zesde biertje. Het was pas tien uur ’s ochtends.

Veel mensen gaven het kapitalisme de schuld van alles. Joden en de cia zouden achter de corruptie zitten. In Makejevka, een voorstad van Donetsk, leerde ik Aleksey Ignatenko kennen, een fotograaf bij wie ik een week logeerde. Hij was gespierd, had net als alle mannen hier gemillimeterd haar en droeg een trainingspak. In zijn huis viel mijn mond open. Overal hingen gebatikte doeken aan de muur, er stonden boeddha’s en er hingen gekleurde dromenvangerachtige takkenbouwsels. Aleksey en zijn vrouw waren net zo anti-Amerikaans als de mijnwerkers in hun straat, maar verbonden er andere consequenties aan. Ze wilden naar India verhuizen.

Met Aleksey reed ik in zijn auto langs een groep jongens in versleten trainingspakken, zwarte overjassen en met bivakmutsen op. Een jongen die niet ouder was dan veertien had een grote wond op zijn voorhoofd. Naast hem lag iemand buiten bewustzijn op de grond. Uit een raam van een ruïne kwam een dikke rookwolk. ‘Iemand is aan het koken. Of ze hebben een laboratorium waar ze die troep maken die ze gebruiken’, zei Aleksey. Deze gopniks zijn de hele dag dronken of high, vertelde hij. ‘Als ze geld nodig hebben, stelen ze of laten ze zich inhuren als knokploeg. Zie je die ene daar gehurkt zitten? Zo zitten ze ook in de gevangenis, daar heeft hij het waarschijnlijk geleerd.’

In het najaar van 2012 keerde ik terug in de volle overtuiging dat er weinig hoop was op een betere toekomst in Oekraïne. De zwaarmoedigheid was zo groot dat zelfs buitenlanders zich er moeilijk aan konden onttrekken. Groot was dan ook mijn verbazing toen een jaar later de revolutie uitbrak. De Kievenaren verzetten zich tegen de man die symbool stond voor alles wat was misgegaan in hun land: president Janoekovitsj. KIEV IS IN februari 2014 een andere stad, een window of opportunity . Alle mogelijkheden liggen open. Anders dan tijdens de oranjerevolutie in 2004 leunen de Kievenaren nu niet op een volgende politicus die later net zo erg blijkt te zijn als zijn voorganger. Deze keer komt de verandering uit de mensen zelf, zeggen ze. Ze laten me zien wat ze allemaal hebben opgezet: een eigen communicatienetwerk op de sociale media, een school, een kerk, een perscentrum en zelfs een eigen politiemacht die ervoor zorgt dat de sfeer onder de demonstranten goed blijft.

‘Er zijn mensen voor en mensen tegen samenwerking met Europa’, zegt studente Victoria Matsenko (22) die zich opwarmt bij een vuurtje. ‘Maar welke koers Oekraïne gaat varen is nu niet het belangrijkste. Het belangrijkste is dat het volk het lot in handen neemt. Samen tegen de corruptie.’

Kiev, 22 februari. Anti-regeringsdemonstranten clashen met veiligheidstroepen op het Onafhankelijkheidsplein

Als een paar weken later Rusland de Krim bezet, is de shock groot. Maar binnen de kortste keren is het ‘een oorlog van het volk’. Er worden miljoenen opgehaald voor het leger, en iedereen doet mee. Of zoals politicoloog Andreas Umland het beschrijft op de website van denktank Atlantic Council: ‘Het conflict heeft de Oekraïense politieke nation buildingeen boost gegeven door gevoelens van nationale solidariteit en patriottisme los te maken.’

Julia wil nu toch in Oekraïne blijven. ‘Het zou raar voelen om nu te gaan. Er zijn zo veel kansen om nu iets te veranderen.’ Via sociale media spoort ze haar vrienden in binnen- en buitenland aan om geld te doneren voor het Oekraïense leger. Een goede vriend van haar – ‘hij was altijd erg passief ’ – denkt er nu over om de politiek in te gaan. ‘Dat snap ik’, zegt Julia: ‘Je kunt nu echt wat betekenen.’ Een andere vriend meldt zich aan bij het leger. Julia is geroerd. ‘Hij vecht voor ons land.’

Het conflict zet levens op z’n kop. Rechtenstudent Valentin gaat als tolk werken voor buitenlandse journalisten in het oorlogsgebied. In Oezjhorod werkt Sasja mee aan het installeren van een nieuw gemeentebestuur vol jonge enthousiastelingen. ‘We zijn aangestoken door de revolutie. Jongeren hebben de gemeente overgenomen en we gaan het nu op onze manier doen.’

Zelfs in het dorpje Stepanivka kan boerin Galina niet negatief blijven. ‘We hopen dat het nu beter wordt. Het was nodig dat de revolutie kwam’, zegt ze.

‘Elke revolutie eet zijn eigen kinderen op’, waarschuwt een ervaren Amerikaanse oorlogsjournalist in een Kievs café. ‘Ik hoop dat het anders is natuurlijk’, zegt hij als hij de verschrikte blikken van de Oekraïense journalisten ziet.

MAAR HELAAS. Twee jaar nadat activisten in Kiev in gevecht gingen met de politie en zeker honderd van hen werden doodgeschoten door scherpschutters zijn de verantwoordelijken van het bloedbad nog niet berecht. Op Facebook zie ik dat Tanja is verhuisd naar Engeland. Ze heeft een echtgenoot gevonden. Valentin heeft zijn papieren voor een studiebeurs in Frankrijk ingevuld en hoopt dat hij niet wordt opgeroepen voor het leger. En Makejevka ligt nu in de -volksrepubliek Donetsk. Aleksey mailt: ‘Het is geen India geworden, maar Thailand. Jammer, maar we zijn al lang blij dat we op tijd weg waren.’

Het nieuwe bestuur van Oezjhorod is afgezet en vervangen door het oude, vertelt Sasja terneergeslagen. ‘De rechter heeft bepaald dat de overname tegen de wet in ging. De oude corrupte burgemeester is weer terug en alles is als vanouds. Er worden wel nieuwe politieagenten aangenomen, maar het is symboolpolitiek: ook die banen kun je gewoon kopen.’ Jongeren door het hele land – met uitzondering van het conflictgebied in het oosten – zeggen hetzelfde: ze zitten er doorheen. In Lviv, -Dnipropetrovsk, Oeman en Charkov, steeds minder mensen gaan als vrijwilliger aan het werk. Op Facebook schrijft Victoria dat ze achteraf ‘misschien iets te veel verwachtte’ van de revolutie. ‘Ik heb een tijdlang geld opgehaald, maar zie nu in dat ik alleen het verschil niet kon maken.’

Julia is verhuisd naar Duitsland, waar ze een mba-opleiding volgt. ‘Ik zag de teleurstelling om me heen grijpen en kwam tot de conclusie dat ik het leven dat ik wil in Oekraïne nu niet kan leiden. Je kunt nog steeds niet hogerop komen zonder corrupt te zijn. Ik wil in een land wonen waar je voor een baan wordt aangenomen vanwege je kennis en vaardigheden. Niet vanwege je connecties.’ De sfeer in Kiev is deprimerend, vindt ze. ‘De mensen zijn of radicaal of cynisch geworden. De radicalen willen alle Russen doden en hebben een blind geloof in de nieuwe regering. Ik kan ze wel door elkaar schudden. Hebben ze dan niets geleerd?’ De rest van de bevolking is niet veel beter: ‘Mensen willen weg. Zij die dat niet kunnen, hebben zich voor de oorlog afgesloten en gaan winkelen of internetdaten, alsof er niets aan de hand is.’

OEKRAÏENSE VRIENDEN verwijten mij dat westerse journalisten de verkeerde termen gebruiken. ‘Separatisten is niet het juiste woord, het zijn terroristen.’ Als ik probeer uit te leggen dat dit hoort bij neutrale berichtgeving worden ze boos. ‘Werk je voor Poetin, of zo?!’

‘Dit is toch niet waar we de revolutie voor zijn begonnen?’ verzucht Julia, ‘om net zo zwart-wit te denken als tijdens de Sovjet-Unie?’ Sommige activisten lijken zich zelfs te schamen voor hun inzet anderhalf jaar geleden. Toen zag ik Dmytro Zagrebelny (34) nog vol vuur spreken over de revolutie, nu woont hij in Libanon en ontkent hij dat hij ooit activist was. ‘Ik was alleen getuige, heb de media geholpen en een paar keer voor de activisten soep gekookt.’ Hij traint nu als vrijwilliger journalisten in Libanon. De Oekraïners zijn even opgeschud en keren weer terug in hun oude doen, meent hij: ‘De maatschappij leeft nog steeds met een blinddoek op, mensen weigeren meer te bereiken in hun leven of iets volwassens te doen.’

De ophef in de Oekraïense media rond de journalist Andrey Kulikov staat hem nog helder voor de geest. Kulikov reisde af naar Donetsk om te zien wat daar gebeurde en nam deel aan een tv-show met separatisten. Vervolgens werd hij op Facebook verguisd omdat hij had ‘gepraat met terroristen’. Dmytro briest als hij erover vertelt. ‘Andere journalisten hebben over hem geklaagd! Dat vind ik bizar, het is zijn taak om naar het oosten te gaan. Bijna geen enkele Oekraïense krant heeft journalisten in het oosten. Ze nemen klakkeloos de overheidspropaganda over en presenteren die als feiten!’

Niet iedereen is het met Julia en Dmytro eens. Vanuit Kiev krijgen ze een sneer van een dame die met hen op de barricade stond: Kateryna Chmill (30). Deze Kievse noemt zich vol trots activiste. Ze heeft geen goed woord over voor mensen die het land verlaten. ‘Oekraïners geven te snel op. Ze willen meteen resultaat zien, het liefst in hun portemonnee. Zo’n tachtig procent van de bevolking is zo. Ouderen en jongeren. Ze zijn misschien een keer op Maidan geweest en hebben op Porosjenko gestemd en verwachten nu dat de hervorming vanzelf komt. Hij is een oligarch, wat denken jullie nou?’

Kateryna is ook sceptisch over het associatieverdrag met de EU. ‘Het verdrag geeft ons kansen, maar het is onze verantwoordelijkheid die te benutten. Op dit moment gebeurt dit nog te weinig.’ Ze noemt het vluchtgedrag juist een uiting van de ‘sovjetmentaliteit’. ‘Mensen verwachten dat iemand voor ze zorgt en begrijpen niet dat interactie tussen de overheid en burgers cruciaal is. Ze willen misschien wel geld doneren aan het leger, maar ambtenaren aanspreken op correct gedrag, ho maar.’

Gelukkig voor Kateryna zijn er ook mensen die wél zijn veranderd. Oksana Antonova (29) wilde weg uit Oekraïne maar kwam tijdens de revolutie de liefde van haar leven tegen. Nu heeft ze een heuse Maidan-baby en een bedrijf dat tuinen van sovjetflats met hulp van de bewoners verbouwt tot leefbare parkjes met speel-tuinen. ‘Vroeger deed niemand iets met die stukken grond’, vertelt ze. ‘Het was na de val van de Sovjet-Unie gemeenschappelijk bezit geworden, maar niemand voelde zich verantwoordelijk. Meestal waren het grote vuilnisbelten.’ En nu, met de positieve energie die de revolutie opleverde, floreert het bedrijf. ‘Mensen nemen eindelijk zelf verantwoordelijkheid.’

Julia’s ogen lichten op als ze hiervan hoort. ‘Misschien zijn mensen zich ervan bewust geworden dat ze iets kunnen en dat hun land iets voorstelt. En als er iets slecht is, kunnen ze nu tenminste de Russen de schuld geven’, zegt ze lachend.

Maar dan krijg ik een bericht van radiopresentator Sasja. Hij is halsoverkop vertrokken uit Oezjhorod en wacht in Kiev op een visum naar de VS. ‘Ik kon het niet meer aan, de mensen veranderen nooit. Liever in Amerika wonen en illegaal werk doen dan in Oekraïne blijven. Zeg, ken je toevallig iemand in New York? Ik zoek een kamer.’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s