Langs Georgische wijnproeverijen, met de taxi


19 oktober 2013 (Trouw) – Het is niet heel gemakkelijk je culinaire wonderen voor te stellen bij een voormalig Sovjet-land. Logisch; Russische kool- en bietenschotels geserveerd met wodka zijn niet echt om over naar huis te schrijven. Maar iedereen die in Moskou of Kiev wel eens wanhopig zocht naar een veilige culinaire haven, weet waar die te vinden is: in het Georgische restaurant.

Aubergines met walnotenpasta, schapenkaas, koriander, basilicum en granaatappelpitjes, het vruchtbare geboorteland van Stalin staat bekend als het Italië van de regio. En ze weten ook wat je erbij serveren moet: goede wijn. Het ideale land om op wijntour te gaan. Met de taxi, want er moet geproefd worden.

georgie2

C Fleur de Weerd

Te beginnen in Mtskheta, een stoffig dorpje ten noorden van de hoofdstad Tbilisi.  Naast de onverharde weg speelt een groepje kinderen blootsvoets en staan twee mannen in de zon een koe te villen. Als onze taxi de hoek omslaat doemt er plotseling een nette oprijlaan op. Aan het einde staat een stralend wit kasteel, dat van bordkarton zou kunnen zijn. Gids Maka (20) – studente Engels – wacht ons op bij de ingang: “welkom in Chateau Mukhrani, het enige echte wijnkasteel van Georgië”, vertelt ze en wijst naar de wijngaarden. “We maken hier wijn van begin tot eind.”

En dat is allemaal te danken aan de Georgische prins Ivan Mukhranbatoni. Hij ging in 1882 in wijnleer in Frankrijk en besloot in eigen land een wijnbedrijf te beginnen. Nadat de Fransen aanvankelijk wat tegensputterden, werd zijn Mukhrani zelfs in Parijs een succes, vertelt Maka enthousiast.

Maar na Ivans dood verslofte het chateau. Pas na de Sovjettijd werden er nieuwe investeerders gevonden. Er werd een wijnmeester met ervaring in Frankrijk aangesteld en de boel werd na westerse maatstaven opgeknapt. Het resultaat zet de gids ons voor in een Bourgondisch ingericht proeflokaal: wijn, brood, fruit, kaas en natuurlijk tjatja -een variant op grappa. Aards, zuur, kruidig. Sensationeel.

Dat Mukhrani een van de beste Georgische wijnbedrijven is, vindt ook Theo Jansen (69). Hij is oud-directeur van Pernod Ricard Nederland en heeft een belangrijke rol gespeeld in het op de kaart zetten van Georgië als wijnland. “Georgië heeft de oudste wijncultuur van de wereld. Er worden unieke druivenrassen gebruikt van meer dan achtduizend jaar oud. Die inheemse rassen en de vruchtbare bodem zorgen, met het zonnige klimaat, voor ideale omstandigheden om er unieke wijn te maken.”

georgie3

C Fleur de Weerd

In de roerige jaren na de val van de Sovjet-Unie kreeg de Nederlander het verzoek om op bezoek te gaan bij wijnboeren in Georgië. Hij trof een land in duisternis. Er was amper elektriciteit en de wijnapparatuur was slecht. “Hun vulmachine, die omhoog gaat als hij opgevuld wordt met wijn, drukte telkens onderdelen eruit. Ze werkten met kartonnen filterplaten. Maar toen ik de wijn proefde dacht ik: het is toch mogelijk. Als ze onder zulke omstandigheden al zoiets lekkers kunnen maken, moet er meer uit te halen zijn.”

Jansen ging de uitdaging aan en nam een Georgisch wijnbedrijf over. Hij leidde mensen op in Nederland en leerde het bedrijf hoe ze van hun bedrijf ook een toeristische attractie konden maken. Zijn voorbeeld werd al snel gevolgd door andere bedrijven. Jansen werd door president Shevardnadze tot ereburger benoemd.

Dat het wijntoerisme nog in de kinderschoenen staat, blijkt wel als we bij tweede wijnproefplek Chateau Telavi aan komen. De romantiek van Mukhrani is hier ver te zoeken, het ziet eruit als een pas uit de grond gestampte wijnfabriek. Ook aan de klantvriendelijkheid schort het nog. Twee mannen met snorren op de stoep halen hun schouders op als we vragen waar we moeten zijn voor het wijn proeven. “We zijn niet open”, bromt de ene chagrijnig, terwijl hij aan een sigaret lurkt.

Na wat aandringen blijken ze over tien minuten wel open te zijn. We worden ontvangen door ene David, de enige Engels sprekende persoon, die na een tijdje de accountant blijkt te zijn. “We krijgen niet zo veel toeristen, zo’n honderd per jaar”, vertelt hij als hij een proeflokaal laat zien: een lege zaal met glimmend laminaat en een klein tafeltje in het midden. Voor onze proefsessie neemt hij ons liever mee naar zijn kantoor. Hij laat een fles openmaken, haalt brood en kaas en ploft neer achter een kop instantkoffie. “En, lekker?” En ook hier kunnen we niet anders dan knikken.

georgie1

C Fleur de Weerd

Georgië is in trek bij toeristen. In 2009 kwamen er 1,5 miljoen toeristen naar het land, in 2012 bijna 5 miljoen. Logisch, want het land is erg geschikt voor vakantie: prachtige, afwisselende landschappen, een gastvrije bevolking en lekker weer. Van oudsher komen er al veel Russen en Oekraïners, maar ook Duitsers, Polen en Amerikanen zijn het land nu aan het ontdekken.

Omslagpunt was het jaar 2006, vertelt wijnkenner Jansen. In dat jaar legde Rusland vanwege oplopende spanningen Georgië een wijnembargo op. “Voor die tijd waren de wijnboeren verwend: Rusland nam toch alles af. Maar toen de grens werd geblokkeerd, viel tachtig procent van hun omzet weg.” Dat leek dramatisch, maar als snel werd van de nood een deugd gemaakt. Wijnmakers gingen razendsnel moderniseren en ontdekten de westerse markt. Ze namen Franse methodes van wijn maken over en lieten voortaan hun wijn rijpen in houten vaten.

Maar de erfenis van de Sovjet-Unie is nog niet helemaal verdwenen. Als we – al wat rozig – het dorpje Tsinandali doorrijden zien we plotseling een wijnbord staan. Het leidt ons naar een versleten complex dat aan een olieraffinaderij lijkt doet denken. We blijken gestuit te zijn op Kotechi, een oud sovjetbedrijf uit 1977. Zo ziet het er ook uit. In een enorme fabriekshal lopen fletse, ooit felgekleurde buizen over in stampers en trechters die de druiven pletten. In een hoekje zit eigenaar Bondo (66) aan een tafeltje met een collega te kaarten.

Hij is dolblij als we hem vragen of we zijn wijn mogen proeven. Er wordt een oud vrouwtje met een hoofddoek bijgeroepen die een slang aan een duizendlitervat koppelt. Met een trechtertje vult ze drie bekers tot de nok toe vol. “Die rode is voor export en die roze voor in het eigen land.” Oei, hoofdpijnwijn. Als ik voor de beleefdheid zegt dat de roze het meest bevalt, straalt de man. Hij tapt een frisdrankfles met het goedje vol en rijkt het me aan. “Deze verkopen we ook in Japan. Hij zit vol met anti-oxidanten. Dat is daar heel gewild, want het breekt de straling af.”

Met pijn in het hart, maar lichte opluchting in de smaakpapillen, verlaten we Bondo en zijn fabriekshal. Het is nu tijd voor een thuisproeverij. In de vruchtbare regio Kachetië is thuis wijn maken namelijk een oud gebruik. Dus we vragen een jongen op straat of we bij iemand thuis kunnen proeven.  Hij haalt zijn telefoon tevoorschijn en begint druk kennissen en familie te bellen. De taxichauffeur wordt geïnstrueerd en we worden naar het huis van Nikola Nikolaisen gereden.

geogie4

C Fleur de Weerd

Nikolaisen (37) maakt wijn op de ouderwets Georgische wijze: in een pot van klei (qvevri) in de grond. In een schuur achter zijn huis laat hij zien hoe het in de grond wordt gegraven en dichtgemetseld voor rijping. In de keuken – oma komt snel met wat zelfgebakken brood en salade aangelopen – mogen we het resultaat proberen. Zoeter, aardser, wederom lekker en je proeft de klei. Vooral de tjatja maakt indruk. Nikolaisen grijnst. “Die heeft een alcoholpercentage van ongeveer zestig procent.”

Het pittoreske eindstation van de tour is Signagi. In dit dorpje, dat spectaculair op een rots ligt, stikt het van de wijntoeristen. Groepen toeristen lopen in en uit bij proeflokaal Pheasant Tears, een door Amerikanen in 2007 opgezet bedrijf. Terwijl Georgische wijnmakers de Franse technieken overnemen, hebben zij zich hier juist toegelegd op de traditionele Georgische wijnmakerij uit kleipotten.

De Franse promovenda Mathilde Lebrand (26) vindt het goed gelukt. Ze pas op haar tweede dag van haar vakantie, maar heeft al heel wat wijntjes achter de kiezen. “Fransen weten natuurlijk niets van Georgië, maar het is hier zo mooi. En dan die wijn, heel goed. Alles is iets fruitiger dan thuis.” Lebrand krijgt uitleg over de amberwijn die ze drinkt van Alex Rodzianko(21), een Amerikaanse wijnleerling, die in het dorp zijn eigen wijn bedrijf wil opzetten.

Rodzianko is dol op de qveri-wijnen, en vertelt dat hij niet de enige is. “We hebben veel toeristen, maar ook veel wijnbedrijven uit andere landen komen hier kijken. Steeds meer Fransen en Italianen gaan wijn maken in qveri’s.” Dus de trend keert zich terwijl de Georgische wijnbedrijven net zijn overgestapt naar de Europese methodes? “Qveriwijn is duurder om te maken, dus de meeste zullen wel bij hun methodes blijven” zegt Rozianko lachend. “De meeste Georgiërs gaat het sowieso om de kwantiteit boven kwaliteit. Dat hebben ze wel uit de Sovjet-Unie overgehouden.”

De bekendste Georgische wijnen

Rkatsiteli = veel voorkomende frisse droge witte wijn.

Mtsvane = ideale, witte, droge zomerwijn, met een lange afdronk naarmate de wijn ouder wordt.

Tsinandali = beschermde benaming voor de blend met Rkatsiteli en Mtsvane, die verplicht 1 jaar ouderen moet voor hij verkocht mag worden.

Saperavi = bekendste rode druivensoort van Georgie, met een volle, krachtig smaak.

Tavkveri = relatief schaarse, rode droge wijn uit Kartli, wordt als rosé gebracht.

Mukuzani = bekendste appellatie voor een volle, soepele rode wijn van de saperavidruif.

Kindzmarauli = natuurlijk, half zoete rode wijn van de saperavidruif met een beschermde benaming.

Noot van de auteur: dit artikel verscheen in verkorte versie in de Tijd, het zaterdagmagazine van Trouw.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s